De Ronsers vzw,
een frisse bries in je vrije tijd

Juni
Za 11

t/m

Za 18

Op ontdekking in Bourgondië (F)

Tochtbegeleiding: Jurn Verschraegen en Linda Van Schel

Tel: 0473 48 94 72

E-mail:

  • Type: fietstrektocht
  • Afstand: dagelijks tussen 60 en 85 km fietsen.
  • Samenkomst: Gite La Bergerie, Chemin de la Rente Saint-Joseph, 21000 Dijon, zaterdag 11 juni om 18u00. We kunnen er de auto’s laten staan tijdens onze fietstocht.
  • Verblijf: diverse overnachtingsplaatsen.
  • Meebrengen: lichte slaapzak, peluw, zonnebrandcrème, picknick voor de eerste fietsdag (zondag is bijna alles gesloten), fietsreparatie­gerief. Mocht je een elektrische fiets willen huren, dan kan dat via Les 2 Roues Electriques, avenue Jean Jaurès, Dijon, tel +33 3 80 46 12 36. Reken op een huurprijs van € 153 voor de hele periode. Neem wel je eigen zakken mee en reserveer zeer tijdig. Covid-safe pas is verplicht, boosterprik ook. Fietsen dienen in perfecte staat (nazicht!) te zijn.
  • Deelnemen: contacteer de tochtbegeleiders.

‘Bourgondische bekoringen’. De alliteratie verraadt een mooie mix tussen cultuur, culinair en recreatie. En dat is precies wat we met deze fietstrektocht willen bereiken: in een geheelbeleving voorzien, voor ieder wat wils. ­Trappen onder een zonovergoten landschap, op Voies vertes, fiets- en mountainbikeroutes... Bourgogne is een fietsstreek bij uitstek: tussen wijngaarden en langs kanalen, van steden van kunst en geschiedenis naar de grote natuurgebieden. De streek leent zich tot de verkenning van een van de mooiste Europese netwerken voor fietstoerisme en net dat gaan de Ronsers doen.

De tocht is in totaal een 435 kilometer lang en toont ons heel wat hoogtepunten die de streek te bieden heeft: denk aan de abdij van Cluny, de hospices de Beaune en alle wijndorpen en -hellingen. De eerste dagen volgen we vooral meanderend langs de Saône waardoor de hoogteverschillen beperkt zijn.

Zondag, 12 juni 2022

We verlaten oostwaarts Dijon en volgen meteen een Voie Verte, nr 53 in aanloop naar Voie Verte 50. Auxonne is het meest bekende stadje langs onze route. 85 km. Overnachting op de camping Les Herlequins (Sait-Jean-de-Losne) in een caravan met douche.

Maandag, 13 juni 2022

We vervolgen onze trip langs de meanderende Saône, ditmaal langs de Europese véloroute EV6. Vlak voor Châlon-sur-Saône slaan we af naar Virey-le-Grand waar we na 85 kilometer trappen, onze intrek nemen in chambre d’hôte Les Arondelles.

Dinsdag, 14 juni 2022

Het gaat nu zuidwaarts via de Véloroute 50, langs Tournus waar we wat moeten klimmen. Boven op een van die heuvels ligt het Château de Salornay waar we overnachten in het wijndomein. We proeven er van de plaatselijke geneugten. Alweer staan er 85 kilometer op de teller.

Woensdag, 15 juni 2022

We rijden na een verkwikkende nacht verder naar Mâcon langs een eigen uitgestippeld traject. We rijden ook naar de abdij van Cluny die we bezoeken (€ 8, gratis voor werkzoekenden mits bewijs 6 maanden oud). De abdij werd in 909 of 910 gesticht door Willem I van Aquitanië, hertog van Aquitanië en graaf van Mâcon, bijgenaamd Willem de Vrome. Deze Willem vroeg de abt Berno (850-927) van het klooster van Baume, nabij Besançon, om advies bij de stichting van een kleine abdij, waar twaalf monniken in zouden treden. Dit werd de Abdij van Cluny. Uniek is dat Willem als stichter afzag van al zijn rechten, die hem volgens het toen populaire eigenkerkenwezen toevielen. Volgens de stichtingsoorkonde stond de abdij slechts onder de bescherming van de paus (exemptie). Deze beperkte voogdij werd pas achteraf door de pausen aanvaard, maar hierdoor kon Cluny op een verregaande autonomie rekenen. De Romana libertas, Romeinse vrijheid, gaf het klooster een groot prestige. We komen ‘s avonds na 65 km aan op camping Moulin de Collonge in Saint-Boil.

Donderdag, 16 juni 2022

We rijden terug naar Châlon via V51a en kiezen erna voor de EV6 tot in Beaune. Vandaag passeren we dé wijndorpen van de Bourgogne: Chassagne-Montrachet, Meursault en Pommard. We slapen na 65 kilometer rijden in het Coto-hotel in Beaune.

Vrijdag, 17 juni 2022

We bezoeken het prachtige stadje Beaune met zijn Hospice (inkom Hospice € 18). Erna doen we per fiets nog wat wijndorpjes aan, zoals Nuits-Saint-Georges, waarna we na 50 kiilometer onze fietscirkel sluiten. Als er nog wat tijd is of de dag erop kunnen we de Mozesput bezoeken en de Chartreuse de Champmol. Onze overnachtingsplaats kennen we al.

Zaterdag, 18 juni 2022

Terugreis naar Vlaanderen.

Juli
Do 21

t/m

Zo 24

Moezel & Rijn

Tochtbegeleiding: Yves Vincent

Tel: 053 70 66 98 voor vragen of aanmelden, 0484 94 25 27 tijdens de tochtdagen

E-mail:

  • Type: fietstrektocht
  • Afstand: dagafstanden tussen 40 en 65 km. Sommige etappes kunnen ingekort worden in geval van slecht weer.
  • Samenkomst: samenkomst om 12u30 aan het voormalig station van Polch. Adres: Am Bahnhof 5, 56751 Polch (D). Op dit adres bevindt zich een restaurant (“Alter Bahnhof Polch”) en een openbaar toilet. Wellicht zijn we hier niet welkom met onze picknick, maar in de buurt staan diverse zitbanken. Na onze picknick en eventueel een drankje in het restaurant, vertrekken we hier stipt om 13u30 per fiets. Geen stress voor wie onderweg wat vertraging oploopt en om 12u30 de afspraakplaats niet haalt!
  • Verblijf: JH Koblenz, 2, Festung Ehrenbreitstein, D-56077 Koblenz, tel. +49 261 97287-0
    JH Sankt Goar, Bismarckweg 17,
    D-56329 St. Goar,
    tel. +49 6741 388
    JH Cochem, Klottener Straße 9,
    D-56812 Cochem,
    tel. +49 2671 8633
  • Meebrengen: lakens zijn in de prijs inbegrepen op alle overnachtingsplaatsen. Voorzie eten voor de eerste dag; de twee volgende dagen houden we halt bij een supermarkt en de laatste dag bij een bakker. Fietsen in orde (remmen getest!), reparatiemateriaal, helm sterk aanbevolen (kan heel wat leed besparen), evt. fluohesje in geval van slecht weer.
  • Deelnemen: contacteer de tochtbegeleider.

Dit jaar staat in het teken van enkele grote Duitse rivieren, namelijk de Moezel en de Rijn. Onze eerste jeugdherberg in Koblenz is niet alleen gevestigd in een uniek historisch gebouw, maar biedt ook een schitterend uitzicht op de monding van de Moezel in de Rijn. Het Midden-Rijndal waar we ons bevinden, wordt de “Romantische Rijn” genoemd. Bij het zien van de kastelen, burchten en paleizen en het proeven van voldoende lokale wijn wordt het iets gemakkelijker om in te beelden vanwaar deze bijnaam komt. De streek sprak ook tot de verbeelding van de makers van “De Mol”, want in de editie van 2021 vonden de eerste proeven en overnachting in Duitsland plaats in Sankt-Goar waar onze tweede comfortabele jeugdherberg is gevestigd. Na twee relax-dagen wordt de derde dag pittiger want we moeten via ups en downs de Hunsrück doorsteken van de Rijn-vallei naar de Moezel-vallei. Ook de deelnemers van “De Mol” sliepen aan de Moezel na hun overnachting aan de Rijn. Hier stopt hopelijk de gelijkenis met “De Mol” want we hopen dat er geen mol in onze groep zit en er geen eliminaties gebeuren. De laatste dag hebben we ook een stevig ontbijt nodig om uit de Moezel-vallei te geraken, maar de rest van de dag verloopt overwegend bergaf. Waar mogelijk volgen we de rivieren of oude spoorwegbeddingen, maar een aantal lange hellingen vallen niet te vermijden. De uitzichten zijn zo mooi zodat we met plezier wachten op de iets minder gevleugelde klimmers. Een goede basisconditie is wel wenselijk.

Donderdag, 21 juli 2022

Omwille van de relatief lange autorit houden we de eerste dag het aantal fietskilometers beperkt tot ± 40 km. Het eerste uur volgen we een oude spoorwegbedding. Nadien zakken we via Wolken naar Kobern, een typisch dorpje aan de Moezel met vakwerkhuizen. We volgen de Moezel en de bijhorende wijngaarden tot in Koblenz. We bereiken „Deutsches Eck“, de plek waar de Moezel in de Rijn uitmondt. Hier staat een imposant ruiterstandbeeld van keizer Willem I. Aan de overkant van de Rijn wenkt de jeugdherberg. Zoals de traditie het voorschrijft, op grote hoogte... De jeugdherberg is namelijk gevestigd in het 19de eeuws fort Ehrenbreitstein. De eerste militaire versterkingen op deze strategisch gelegen heuvel dateren al van vóór de christelijke jaartelling. In 1674 veroverden de troepen van Lodewijk XIV van Frankrijk de stad Koblenz en in de volgende jaren trachtten de Fransen Ehrenbreitstein tot driemaal toe te veroveren, echter zonder succes. Pas na een belegering van één jaar, waarbij de verdedigers werden uitgehongerd, konden de Fransen in 1799 het fort overnemen. Na de Vrede van Lunéville trokken de Fransen zich terug van de rechter-Rijnoever, maar niet nadat ze het fort Ehrenbreitstein totaal hadden ontmanteld. Rondom Koblenz verrees tussen 1817 en 1834 een ring van Pruisische vestingwerken, de zogenaamde Festung Koblenz, één van Europa’s omvangrijkste verdedigingswerken, gebouwd volgens de modernste inzichten (het Pruisische Polygonalsystem). Het nieuwe fort Ehrenbreitstein, dat deel uitmaakte van deze fortificatiewerken, was in 1828 gereed en bleef tot 1890 dienstdoen. Tijdens de ­Eerste Wereldoorlog fungeerde het fort als militair hoofdkwartier. Na deze oorlog verhinderde de Amerikaanse generaal Henry Tureman Allen, overtuigd van het historische belang van het fort, de voorgenomen vernietiging. Tot 1923 waakten Amerikaanse troepen over het fort en nadien Franse. In de Tweede Wereldoorlog speelde het fort geen rol van betekenis. In 1952 werden er twee onderaardse gangen ontdekt: de éne van Fort Ehrenbreitstein naar het kasteel van de keurvorsten op de linkeroever van de Rijn, de andere van Fort Ehrenbreitstein naar Fort Keizer Frans op de Petersberg in stadsdeel Koblenz-Lützel. Deze laatste loopt niet alleen onder de Rijn maar ook onder de Moezel door.

Vrijdag, 22 juli 2022

Na een kort bezoek aan Koblenz en onze inkopen, volgen we de Rijn zuidwaarts tot Boppard. Hier brengt de trein van de Hunsrückbahn ons en ons stalen ros naar Emmelshausenons, bijna 400 m hoger. Via Pfalzfeld fietsen we nadien nog 100 m hoger, maar nadien gaat het kilometers bergaf tot in Oberwesel aan de Rijn. We volgen nu de Rijn stroomafwaarts naar de ­Loreley, de beroemde en in vroegere tijden beruchte vooruit springende 132 meter hoge rots die de loop van de Rijn vernauwt en hierdoor een gevaarlijke stoomversnelling veroorzaakt. In de geschiedenis zijn veel schepen bij de Loreley verongelukt. De Rijn is hier op zijn smalst (slechts 113 meter), maar met 25 meter ook op zijn diepst. Hoewel de gevaarlijkste stukken van de Loreley al in de jaren dertig zijn verwijderd, wordt de scheepvaart nog steeds voor de passage gewaarschuwd. In 2011 zonk hier een schip met 2400 ton zwavelzuur waarbij twee matrozen het leven verloren en ruim 200 schepen dagen moesten wachten vooraleer verder te kunnen varen. Volgens de legende zouden er ooit nimfen rond de Rijn gewoond hebben. Toen de mensen de oevers begonnen te bevolken werden ze echter verjaagd. Slechts één nimf bleef achter. Zij kon geen afscheid nemen van de Rijn en vestigde zich op de hoge rots, vanwaar zij zicht had over de hele rivier. Met haar prachtige, treurige zang, haar schoonheid en haar lange, gouden haren wist zij de schippers te betoveren, die de aandacht voor hun schepen verloren en door de sterke stroom op de rotsen liepen. Velen verloren hierbij het leven. Op zekere dag wilde een jonge ridder, de zoon van graaf Palatinus, het meisje eens van dichtbij bewonderen. Hij besloot met zijn schildknaap een tocht naar de rots te ondernemen, maar net als zovelen voor hem raakte hij betoverd door haar gezang. Hij kwam om toen ook zijn bootje de rotsen raakte. De schildknaap wist zich echter te redden en bracht het droeve nieuws aan de graaf. Vol van woede en verdriet gaf die zijn mannen de opdracht de nimf van de rots te gooien, zodat zij net als al haar slachtoffers zou verdrinken. Toen de nimf de mannen van de graaf zag naderen, wierp ze haar halsketting in het water en zong nog een laatste lied. Daarop kwamen uit de Rijn grote golven op die haar meevoerden, waarna de nimf voor altijd verdween. De strips “De Lorelei” (Rode Ridder) en “De snikkende sirene” (Suske en Wiske) zijn gebaseerd op de sage van de Loreley. Hopelijk geraken wij niet betoverd en bereiken we veilig Sankt-Goar. Op weg naar de jeugdherberg passeren we de koekoekswinkel waar een proef van De Mol plaatsvond.

Zaterdag, 23 juli 2022

We klimmen eerst uit het Rijndal en belanden dan op de Schinderhannes Radweg, een voormalige spoorwegbedding die we volgen tot Kastellaun. Schinderhannes was de aanvoerder van een beruchte bende van ± 3000 rovers! Op 20-jarige leeftijd, in 1803, eindigde zijn blitz-carrière met zijn onthoofding. Hoewel de bende net als alle andere bendes roofde en moordde, hebben zijn strijd tegen de gehate Fransen, zijn persoonlijke moed, charme en humor ertoe bijgedragen hem tot een legende te maken. In Kastellaun doen we onze inkopen. Afhankelijk van de omstandigheden rijden we verder naar Cochem via Morsdorf of via Lieg en Lütz.

Zondag, 24 juli 2022

Na een kort bezoek aan de bakker en het oude centrum van Cochem, volgen we de Moezel stroomafwaarts. Via het mooie dorpje Klotten bereiken we Karden waar we de Moezelvallei verlaten. Langs de Pyrmont burcht en de waterval van de Elzbach fietsen we naar Münstermaifeld. De laatste 10 km van onze tocht bollen we heerlijk bergaf op een oude spoorwegbedding tot in Polch waar onze afscheidsdrank wacht.

Augustus
Do 25

t/m

Za 3

Tour du Queyras (F)

Tochtbegeleiding: Linda Van Schel

Tel: 0473 48 94 72

E-mail:

  • Type: dagstaptochten
  • Afstand: dagelijks 5 tot 6,5 uur onderweg.
  • Samenkomst: ten laatste om 18u00 aan de Gite Le Villard, Quartier L’Adroit, Rue du Lavoir 9, Abriès-Ristolas op 26 augustus. Wie, net als wij, een dag van tevoren vertrekt, meldt dit. We zoeken hiervoor op 25/08 een fijne overnachtingsplaats niet ver van de autosnelweg naar het zuiden.
  • Verblijf: diverse gite d’étapes of refuges. Picknick meenemen vanuit de hutten is mogelijk, mits van tevoren te bestellen (liefst bij je aanmelding), eveneens dieetwensen doorgeven.
  • Meebrengen: grote zak voor bagagetransport (max 15 kg per persoon) en kleine rugzak om mee te dragen voor water, picknick en reservekledij bij minder goed weer. Onmisbaar zijn wind- en waterdichte kledij, (fleece)pullover, goed ingelopen bergwandelschoenen (controleer je veters en zolen van tevoren!), materiaal tegen blaren (compeed, kamfer), EHBO-set, wandelstokken, lakenzak, slaapzak (covid!), fluitje/zaklamp voor noodsignalen, muts, handschoenen, zonnecrème hoge factor, zonnebril. Gezien we in het hooggebergte stappen kan het ’s avonds flink afkoelen. Hou daar rekening mee in de kledingkeuze (we zijn voorstander van ‘laagjes’). Drinkfles of waterzak (type Platypus) niet vergeten!
  • Verkeersinfo: we organiseren kostendelend samenrijden.
  • Deelnemen: contacteer de tochtbegeleiderster.

De Queyras is een streek waarover de Fransen graag met superlatieven uitpakken. Ze spreken van Terre d’émotions. Een combinatie van mediterrane zon en alpiene hooglanden bevestigt die omschrijving wel. De streek gaat immers prat op 300 zonnedagen per jaar. De alomtegenwoordige zonnewijzers moeten die bewering kracht bijzetten. Vaak zijn het kunstig geschilderde meesterwerkjes waarop naast het uur ook een volkswijsheid te lezen valt. ‘Le ménage va mal quand les poules chantent plus haut que le coq’ is er zo één van. Ook het houtsnijwerk is typisch. De ébinisteries mogen zich aan een kritisch onderzoek verwachten. Door het gebied lopen een aantal Grote Routepaden: de GR58 en de GR541. Het is een tocht voor wie houdt van het gebergte, van cols en diep ingesneden valleien. De stapdagen duren zo’n 5 tot 6,5 uur, maar je stapt met je kleine rugzak. De tocht kan door iedereen met een goede conditie gelopen worden. Bereid je wel voor op grote hoogteverschillen. De eerste dag klim je meer dan 1000 meter!

We starten de heenreis op 25/8 (let wel: dit is geen verplichting) om niet gestresseerd aan te komen op de locatie. Wie op 26/8 in één rit naar ginds wil rijden, kan dat natuurlijk ook. De trektocht start op 27/8 aan de gite Le Villard in Abriès

Zaterdag 27/8: Abriès - Refuge des Fonts

Vandaag starten we langs de kruisweg (met beperkte bagage voelt dat niet zo aan voor ons!) en klimmen we zo’n 1220 m. naar de Pic du Malrif (2830 m.). We krijgen als beloning prachtige panorama’s, zo’n 180° zichtbaarheid. We dalen daarna 785 m. naar de idyllisch gelegen gîte van Fonts de Cervières (2040 m.). 6,5 uur stappen.

Zondag 28/8: Refuge des Fonts - Ville Vieille

Het zal moeilijk zijn om dit idyllisch nest te verlaten. Figuurlijk zowel als letterlijk bedoeld dan. We moeten naar de 2629 m. hoge Col de Péas, een oude passage voor ezels destijds tussen Briançon en l’Escarton. Mooie afdaling langs een klein kanaaltje dat voldoende water voorziet voor het dennenbos. We lopen ook door een steppe-achtige opgeving. Een afdaling brengt ons in Ville-Vieille waar de gîte-eigenaars van ‘Les Astragales’ ons verwachten. De gîte serveert prima maaltijden en is gerenommeerd omwille van zijn huisgemaakte infusion. 6 uur stappen. Hoogteverschil + 600 meter/ - 1274 meter. Nacht in de gite Les Astragales.

Maandag 29/8: Ville Vieille - Ceillac

Het pad loopt over Château Queyras en gaat dan omhoog naar Col de Pré Fromage. Je ontdekt de Ceillac-vallei met zijn dambord van culturen die subtiele tinten groen bieden. 5 uur stappen, hoogteverschil + 1060 m./- 635 m. Nacht in de gite Les Baladins in Ceillac waar de Ronsers al meerdere mooie nachten doorbrachten (o.a. vertrek-eindpunt van de tocht in de Haute Ubaye en in 2003 bij de eerste tocht door de Queyras). We weten dat de keuken daar meer dan in orde is.

Dinsdag 30/8: Ceillac - Saint-Véran

We beginnen de dag, na een kort vlak stuk, met een fikse klim door een erg bebloemde alpiene weide naar de Col des Estronques (2651 m.). Van daaruit zien we Saint-Véran liggen, een pittoresk dorpje het hoogst gelegen in Europa, op 2040 m. We zien er, na een lange afdaling en een korte klim, de zonnewijzers en lezen de volksspreuken: de ene al wat diepzinniger dan de andere. Avondmaal, overnachting en ontbijt in ‘Les Gabelous’, een oud douanehuis uit 1857. 5 uur stappen, hoogteverschil + 1000 meter/- 800 meter.

Woensdag 31/8: Saint-Véran - Refuge Agnel

We volgen de GR58 tot de Chapelle de Clausis (2340 m.), vlakbij een oude marmergroeve. In de zomermaanden rijdt er een navette tot deze plaats. Of we er gebruik van maken hangt van onze conditie af. We stijgen nog verder door naar 2600 m., zien aan onze rechterhand de Col d’Agnel en dalen dan naar de Refuge Agnel op 2580 m., een haven van stilte, vanwaar we een mooi zicht hebben op de Pain de Sucre (3208 m.). ‘s Avonds bij zonsondergang kunnen we nog even tot de Italiaanse grens stappen en de Po-vlakte bewonderen, met in de verte de Cavour-rots. 4u30 stappen, + 700 m./- 304 m. dalen.

Donderdag 1/9: Refuge Agnel - l’Echalp

Vandaag gaan we veel dalen. We stappen zo’n 5 uur via een aantal hooggelegen bergmeertjes (2618 m.) naar l’Echalp, in dezelfde gite d’étape waar de Ronsers die rond de Monte Viso stappen twee keer logeren. We zien ze spijtig genoeg niet, maar we genieten wel van de fijne gite 7 degrés est.

Vrijdag 2/9: l’Echalp - Abriès

Abriès is nog 1,5 uur wandelen, maar wij zoeken het natuurlijk nog even hogerop langs de officële GR Tour du Queyras. In totaal stappen we nog vijf uur en komen dan aan bij onze vertrekplaats waarna we mogelijks kunnen verbroederen met de Ronsers die dan in Echalp terugkomen.

Augustus
Do 25

t/m

Za 3

Tour du Mont Viso (F-I)

Tochtbegeleiding: Jurn Verschraegen

Tel: 0473 48 94 72

E-mail:

  • Type: rugzaktrektocht
  • Afstand: dagelijks 6 tot 7 uur onderweg.
  • Samenkomst: 18u30 aan de Gite 7 Degrés Est in Echalp op 26 augustus. Wie, net als wij, een dag van tevoren vertrekt, meldt dit. We zoeken hiervoor op 25/08 een fijne overnachtingsplaats niet ver van de autosnelweg naar het zuiden.
  • Verblijf: diverse refuges, soms basiscomfort. Picknick meenemen vanuit de hutten is mogelijk, mits van tevoren te bestellen (liefst bij je aanmelding), eveneens dieetwensen doorgeven.
  • Meebrengen: dit is een alpiene tocht. Het betekent dat we grotendeels boven de boomgrens en dus onbeschut stappen. Onmisbaar zijn wind- en waterdichte kledij, (fleece)pullover, goed ingelopen bergwandelschoenen (controleer je veters en zolen van tevoren!), materiaal tegen blaren (compeed, kamfer), boorzuur (tegen zweetvoeten), EHBO-set, wandelstokken, lakenzak, slaapzak (covid!), fluitje/zaklamp voor noodsignalen, muts, handschoenen, zonnecrème hoge factor, zonnebril. Gezien we in het hooggebergte stappen kan het ’s avonds flink afkoelen. Hou daar rekening mee in de kledingkeuze (we zijn voorstander van ‘laagjes’). Drinkfles of waterzak (type Platypus) niet vergeten!
  • Verkeersinfo: we organiseren kostendelend samenrijden.
  • Deelnemen: contacteer de tochtbegeleider.

Afgelopen zomer en enkele jaren geleden, tijdens de trektocht in de Valle Maira, zagen we hem liggen: de Monte Viso. Tijd om er eens een uitgebreide ronde aan te wijden met de Ronsers. Ook dit jaar kiezen we voor een latere periode in het jaar omwille van de hoogte en het vermijden van passages in de sneeuw. Voor wie deze pittige tocht (6 tot 8 uur stappen per dag) te veel vindt, kan terecht bij Jurns wederhelft Linda op de Tour du Queyras met bagage­vervoer en lichte rugzak tijdens dezelfde periode.

We starten de heenreis op 25/8 (let wel: dit is geen verplichting) om niet gestresseerd aan te komen op de locatie. Wie op 26/8 in één rit naar ginds wil rijden, kan dat natuurlijk ook. De trektocht start op 27/8 aan de gîte 7 Degres Est in Echalp.

Zaterdag 27/8: Echalp - Ciabo Del Pra

Van de bovenste Guil-vallei bereiken we de Pellice-vallei en de streek rond de Monte Viso via de Lacroix-pas (2.300 m), een voorouderlijke doorgang voor reizigers en marktkramers. Overnachting in refuge Jervis (1.700 m) in het hart van een hooggelegen Piemontees gehucht. 4,5 uur, hoogteverschil + 600m./- 500m.

Zondag 28/8: Ciabo Del Pra - Col Manzol - Pian del Re

Overtocht naar de refuge de Granero en dan naar de Manzol pas (2.650 m.) aan de voet van de trotse Monte Granero (3050 m.). We verlaten de hoge Pellice-vallei met zijn uitgestrekte wilde weiden en bereiken de hoge Povlakte via de Colle d’Armoine, de voorouderlijke doorgang van de “zoutroute” tussen de Provence en de Povlakte. Overnachting in de refuge van Pian de Ré (2.000 m.) aan de voet van de bronnen van de Po “de rivier” van Noord-Italië. Kennismaking met de gastronomie van Piemonte. 6 uur, hoogteverschil + 1200 m./- 950 m. Nacht in de refugio Pian del Re.

Maandag 29/8: Pian Del Ré - Alpetto

We wandelen tussen meren en pieken om de voet van de oostwand van de reus van de Zuidelijke Alpen te bereiken. Mogelijkheid om de Viso Mozzo (3.020 m) te beklimmen, een weelderig en uniek uitzichtspunt over de Viso-regio. Overnachting in de Alpetto-berghut (2.300 m.) met zijn intieme sfeer. 5,5 uur, hoogteverschil + 950 m./- 250 m. Nacht in de refugio Alpetto.

Dinsdag 30/8: Alpetto - Bagnour

Een hoogtewandeling die ons in staat stelt de Monte Viso te omzeilen via de Passo Gallarino (2.730 m) en de Valante vallei. Overnachting in de berghut van Bagnour, een kleine vriendelijke refuge genesteld in het Bosco del Allévé, het grootste cembro-dennenbos van Europa. De alpenden heeft bleek, harsachtig hout met een rode kern dat eenvoudig te bewerken is. Het wordt gebruikt voor meubels, koekoeksklokken, houtsnijwerk en speelgoed. De etherische olie die uit het hout van de alpenden wordt gewonnen, wordt gebruikt tegen motten. Ook kasten die van dit hout zijn gemaakt zijn hierdoor mottenwerend. 6 uur lopen, hoogteverschil + 600 m./- 800 m. Nacht in de Rifugio Bagnour.

Woensdag 31/8: Bagnour - Chianale

We klimmen omhoog door de Valante vallei naar de Losette pas (2.800 m.), ten westen van de Monte Viso. Mogelijkheid om te klimmen naar de Pointe Joanne (3.000 m), tussen Queyras en Viso. Afdaling van de Soustre-vallei die ons naar Chia­nale brengt, een van de mooiste dorpen van de Italiaanse Piëmonte-regio. 6 uur 30 wandelen, hoogteverschil + 900 m./- 1.200 m. Overnachting in de Agriturismo van Pra Mourel in Chianale (1.800 m.).

Donderdag 1/9: Chianale - Col Blanchet - Refuge de la Blanche

Terugkeer naar de Queyras, van Chianale naar Saint-Véran, via de Blanchet-pas (2.900 m.) en de hoge vallei van Saint-Véran. Vanaf de Blanchet-pas, op de grenskam, een laatste blik op de Viso, voordat we de refuge de la Blanche bereiken, genesteld tegen de imposante tête des Toilies. 6,5 uur wandelen, hoogteverschil + 1.100 m./- 400 meter.

Vrijdag 2/9: Refuge de la Blanche - Pic de Caramentran (3000 m) - Col Vieux - l’Echalp

Terugkeer naar het beginpunt van de tocht via een van de laatste uitzichtpunten op de Viso: de Pic de Caramentran op meer dan 3000 m. Dit gemakkelijk te bereiken voorgebergte brengt ons naar de Aigue Agnel en vervolgens naar de beroemde Vallée des Lacs, die op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO staat. Terugkeer naar onze overnachtingsplaats in Echalp. 6 uur wandelen, hoogteverschil + 850 m./- 1.450 m.